Saturday, October 1, 2016

Diversen (3)

Mijn plan om zo nu en dan een aspect van Japan dat je als buitenlander en buitenstaander opvalt te noemen en er commentaar op te geven is in goede bedoelingen blijven steken. Aan het eind van ons drieweekse verblijf in Japan noem ik een paar dingen. De veelheid van wat we zagen kwam in botsing met de weinige tijd die je jezelf toelaat om er nader op in te gaan.

Wij hebben geen openbare vuilnis- en prullenbakken gezien: die zijn er niet. Wij hoorden vertellen dat de schone straten, pleinen, trottoirs samenhangen met die afwezigheid: iedereen weet dat hij altijd zelf voor het opruimen van zijn afval moet zorgen. (We liepen net naar onze pizzeria in Velp en vonden onze trottoirs maar smerig met stukjes papier en peuken.)

- Openbare toiletten zijn verbazend schoon.
- De toiletten in onze hotelkamers waren verbazend ingewikkeld, allemaal. Als je gaat zitten hoor je water in water vallen alsof je al aan het plassen bent; een poosje plas je samen, dan houdt de automaat op. Nogal vervreemdend, ook al omdat je eigen plas niet altijd hoorbaar klatert. Er zijn verder diverse opties; warme bril, water tegen je billen laten spuiten en meer. Ik was niet nieuwsgierig genoeg om die dingen uit te proberen; Els ook niet.

Japanners buigen graag en veel. Ik geloof niet dat daarbij onderdanig doen of zich onderdanig voelen een rol speelt. Het schept dunkt me veeleer een band, het is een ritueel dat een verbondenheid benadrukt. - Toen Els een keer voor een nieuwe simkaart naar een elektronicazaak ging was ze een paar minuten te vroeg; ze zag vlak voordat de winkel openging hoe een man of 16 personeel zich in twee rijen opstelde en daarna tegenover een toelopende chef een buiging maakte; de chef boog terug.  Daarna ging na een minuut of twee de winkel stipt op tijd open. - Zelf buig je trouwens op den duur mee.

Als je ergens gaat eten komt er meteen een glas water op tafel. Als je bij het eten niets te drinken bestelt, reken je dat water niet af.

Fooien bestaan eigenlijk niet, ze worden nergens gegeven. Als je teveel wisselgeld op tafel achterlaat als je een drankje afrekent brengt men je het teveel betaalde na. Er is geen 'laat maar zitten'.

Op veel plekken vind je automaten met allerlei frisdranken, bier, thee (koud). Meestal tussen de een dertig en een zestig yen (een yen is ongeveer een cent, iets meer). Hier is vaak een vat voor lege blikjes of flesjes.

Niet alleen in tempels moet je je schoenen uittrekken. Ook bijvoorbeeld in ons 'eigen' gerestaureerde Decima (Dejima) moesten op verschillende plekken je schoenen uit. En in kastelen; vaak dus, op veel plekken.

In alle hotels waar we gelogeerd hebben was er in de badkamer een flesje met schuimende vloeibare zeep en drie look-alike flessen met: 1) body soap, 2) shampo, 3), conditioner. Je krijgt het idee dat men het fijn vindt dat er orde en overzichtelijkheid in de wereld is.

Op straat roken is op veel plaatsen verboden. In cafés en restaurants is meestal wel een plaats waar rokers hun gang mogen gaan. Wij kozen daar een keer voor omdat er geen tafeltjes vrij waren in de afdeling 'niet roken'. Ouderwetse geur, maar niet blauw van de rook.

Wim

Weer thuis

We kwamen om kwart voor zeven in Hong Kong aan, en wachtten daar tot half twee 's nachts bij gate 66 om in te checken naar Schiphol.
Dat was lang wachten. Eerst in een centrale hal, omdat onze vlucht nog niet op de borden stond en niemand wist naar welke gate we zouden moeten. Met Frans en Sjoerd, het bereisde vriendenpaar, gekletst over reizen, over waarom vrouwen zich later laten 'verbouwen', vooral mooie vrouwen, maar ook wel mannen zoals de eertijds populaire televisiefiguur Henny Huisman, en dat wij dat geen van allen een zinnige actie vonden, over de reis en onze ideale reisleider (die nu er niets meer te leiden viel ook met zijn ziel onder zijn arm liep en die zich even later bij ons voegde = aan ons met moeite veroverde tafeltje kwam zitten), over Japan en Japanse gewoonten, over (van) alles. Nadat we allemaal twee glazen bier of wijn (Els één plus een jus) in een uiterst kalm tempo hadden opgedronken en nageproefd verscheen ook onze vlucht met het gatenummer op de borden en kon het geleuter een einde nemen.
 - Om onze gate te bereiken gingen we door grote en hoge ruimten een aantal gangen door en roltrappen op, om daarna met een bestuurderloos treintje naar de gates genummerd 40-80 gebracht te worden.
- Onze groep had hier een happeningetje gepland om afscheid te nemen van onze reisleider; dit gebeurde staande omdat de ruimte weliswaar groot genoeg was om iets te doen, maar zitplaatsen te weinig had. - Iedereen van de groep had op een daarvoor bedoeld A4tje iets voor of over René geschreven. Eduard hield een goedbedoeld maar wat langdradig toespraakje; ik wijdde een woord aan de rust die René uitstraalde in drukke of potentieel zenuwachtig makende siituaties, en ook anderen maakten nog wat vriendelijke opmerkingen. René vermeldde dat ik de oudste deelnemer uit zijn reisleidersloopbaan was.




- Om half twee konden we aan boord en om half drie hadden we ons diner voor ons, niet onsmakelijk en we hadden best trek. De gekochte extra beenruimte was er nu wel en we begonnen in makkelijke houdingen aan een twaalf uur durende reis. (Omdat we met de zon mee van oost naar west gingen zag je op de klok van die twaalf uur maar zes terug; om half acht landden  we op Schiphol.) We hebben geen van beiden geslapen en waren te moe om concentratie op te kunnen brengen voor een van de vele films die je kon zien.
_ Twee uur voor de landing was er nog een royaal warm ontbijt, op Engelse leest geschoeid, met onder meer warme sausages en ei. Hong Kong is lang Brits geweest, misschien was het daardoor. - De paspoortcontrole was doe-het-zelf-werk geworden; je stopt je paspoort in een machine die dan kan zien of jij degene bent wiens of wier foto in je paspoort staat. Daarna zagen we in de bagagehal de hele groep aan de band met aangevoerde koffers terug en werd er zowaar met afscheidszoenen gestrooid. Onze beide koffers en ook het kartonnen doosje met zakmes en schaartje werden correct afgeleverd.




- Nu de trein nog. Die gaat rechtstreeks van Schiphol naar Arnhem, waarna een overstap naar Velp en een wandeling met bagage naar huis de reis zouden besluiten. We spraken af ons niet te haasten: we waren nu 30 uur in touw en dan kun je makkelijk steken laten vallen, bagage op stations achterlaten en zo. Maar de Heer, of beter, Herman was met ons en stond in de ontvangsthal ons op te wachten. Zijn auto stond 100 meter verderop, en twee verreisde mensen werden geheel onverwacht soepeltjes naar hun woon- en slaapstede gebracht.



Wim